Epilepsie is een aanvalsgewijs optredende klacht met diverse kenmerken. “Vallende ziekte” verwijst naar toevallen of insulten met plotselinge bewusteloosheid (en soms vallen), door elektrische storing in de hersenen. Er zijn ook aanvallen zonder (of met lichte) bewustzijnsdaling.
| Gegeneraliseerde aanvallen (gehele hersenen zijn betrokken) | |
|---|---|
| Omschrijving | Kenmerken |
| Tonisch-klonische aanvallen (grand mal epilepsie) |
Soms schreeuw, bewusteloosheid, stijfheid en/of schokken armen en benen (sec.- min., bij langere duur blauwe lippen/vingers), vertrokken gelaat, soms tongbeet en/of urineverlies, diep slapen/ademen/snurken na de aanval (10-30 min.) |
| Absences (petit mal epilepsie) |
Vooral kinderleeftijd. Aanvallen van afwezigheid (5 tot 30 seconden), starende ogen, even geen contact, geen herinnering aanval |
| Partiële (locatiegeboden) aanvallen (deel van de hersenen betrokken) | |
| Enkelvoudige partiële aanval | Geen bewustzijnsverlies. Trekkingen of bepaalde gevoelens (tintelingen, doofheid) gezicht, arm en/of been aan één kant, spraakstoornis, visuele hallucinaties (beelden zien die er niet zijn). Kan uitbreiden tot grote aanval. |
| Complex partiële aanvallen | Bewustzijn raakt verstoord: plotseling optredende droomtoestand met vreemde gevoelens (smaken, geuren, gedachten, gevoel), vreemd gedrag (dwalen, bewegingen), bewegingsautomatismen (friemelen, smakken), geen/gedeeltelijke herinnering van aanval |
| Secundair gegeneraliseerde aanvallen | Partiële aanval breidt zich uit over gehele hersenen tot een gegeneraliseerde aanval. |
| Status epilepticus | Aanval(len) duren > 30 min. en/of gaan in elkaar over. Medisch ingrijpen is vereist bij duur > 5 min. |
| Speciale vormen (vertonen kenmerken van partiële en gegeneraliseerde aanvallen) | |
| Koortsstuipen | Korte (paar min.) tonisch-klonische aanval bij snel stijgende koorts (>38) (bij kinderen 1 mnd-5 jr, meestal 12-24 mnd). Behandeling niet nodig tenzij de aanval > 5 min. |
Oorzaken
Epilepsie wordt veroorzaakt door abnormale elektrische activiteit hersenen: normale functie van de hersencellen wordt daardoor verstoord. Bij 60% van de patiënten: geen duidelijke oorzaak. Oorzaken: erfelijke invloed, tot gevoeligheid voor bepaalde uitlokkers, tot lichamelijke (hersenen) oorzaken.
Behandeling
Behandeling hangt af van oorzaak, omstandigheden, type aanvallen en resultaten van aanvullend onderzoek (neurologisch onderzoek, bloedonderzoek, MRI scan en EEG “hersenfilmpje”) door (kinder)neuroloog of kinderarts. Een éénmalige aanval, zonder duidelijke oorzaak, behoeft geen behandeling: leefstijladviezen (regelmaat in slapen, eten, mijden alcohol, mijden extreme (in)spanningen) en adviezen ten aanzien van veiligheid (werk, situaties zoals zwemmen, werk op hoogte, fietsen, autorijden) gegeven worden. Bij een oorzaak of als binnen 2 jaar een 2e aanval optreedt zal anti-epileptische medicatie gegeven worden. 1/3 van de mensen met een éénmalige aanval krijgt binnen twee jaar een 2e aanval. Als er 2-3 jaar geen aanvallen zijn geweest kan overwogen worden medicatie af te bouwen. Hangt af van diverse factoren, ter overweging aan de behandelend specialist i.o.m. de patiënt.
Anti epileptische medicijnen worden opgehoogd totdat aanvallen stoppen. Soms is het nodig meerdere medicijnen te gebruiken. Wanneer epilepsie onvoldoende reageert op medicatie zijn er andere mogelijkheden:
Epilepsie operatie: wanneer kan het?
Lees de Dr. Yep Jaargids 2012 voor de exacte eisen om in aanmerking te komen voor zo’n operatie.