ADHD
Steeds vaker krijgen kinderen de diagnose ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder) ofwel Aandachts-Tekort-Stoornis met Hyperactiviteit. Vroeger kwam het ook voor, maar werd het minder herkend. En mogelijk heeft de toename in het aantal diagnoses ook te maken met de overvloed aan prikkels van deze tijd. Een kind of volwassene met ADHD is snel afgeleid. Daarnaast is er sprake van druk gedrag, innerlijke onrust en impulsiviteit. Niet alle kinderen hebben last van hyperactiviteit in bewegen, deze vorm wordt ADD genoemd.
Gewoon druk?
Niet ieder kind dat druk is, heeft ADHD. En niet iedere vorm van ADHD gaat gepaard met drukte. Hoe wordt de aandoening vastgesteld? Is medicatie altijd nodig? Hoe werkt gedragstherapie? Drie deskundigen over de oorzaak, klachten en aanpak van ADHD:
- Robert Douma, psychiater bij OCRN, expertisecentrum voor GGZ Kinderen en Jeugd en Leerproblemen
- Derk Birnie, als kinderarts verbonden aan het ADHD-behandelcentrum
- Jan Hindrik Loonsta, orthopedagoog en verbonden aan OCRN.
Klachten
Kinderen met ADHD hebben moeite om aandacht bij taken of spel te houden, ze luisteren slecht, zijn gemakkelijk afgeleid en raken dingen kwijt. Daarnaast bewegen de kinderen onrustig, ze draaien op hun stoel, rennen en klimmen rond, ook - of misschien juist - als dit ongepast is. Soms praten ze aan een stuk door, hebben ze moeite met op hun beurt wachten en verstoren de bezigheden van anderen. ADHD komt ongeveer 2 tot 3 keer vaker voor bij jongens dan bij meisjes. Jongens hebben vaak te maken met hyperactiviteit, impulsiviteit en gedragsproblemen. Meisjes met ADHD hebben vaker intellectuele beperkingen en innerlijke problemen waardoor de diagnose vaak niet - of pas op latere leeftijd - wordt gesteld.
Gevolgen
De gevolgen van ADHD kunnen ernstig zijn: moeite om goed contact te krijgen met anderen, leerproblemen. “Omdat de kinderen op een aantal gebieden minder goed functioneren, is hun zelfvertrouwen vaak ook minder”, zegt Derk Birnie, als kinderarts verbonden aan het ADHD-behandelcentrum. “Daarnaast krijgen ze vaak het stempel 'lastig' of juist 'dromerig' en missen ze aansluiting met de groep. Kinderen raken hierdoor al op jonge leeftijd gefrustreerd. Een kind met ADHD heeft meestal grote invloed op het gezinsleven.”
Diagnose
Ongeveer 4-8% van de kinderen in Nederland heeft ADHD. ”Ongeveer de helft van deze groep heeft een behandeling nodig”, zegt Birnie. ”Er zijn kinderen met een lichte vorm van ADHD, die zonder kunnen. Maar bij kinderen met een zwaardere vorm, is behandeling wenselijk. Een zorgvuldige diagnose is nodig om te bepalen hoe de behandeling eruit moet zien.” Het diagnosticeren van ADHD is lastig, want er is geen eenduidige test. “Er is uitgebreid onderzoek nodig om ADHD vast te stellen bij kinderen”, legt Birnie uit. “Dat onderzoek bestaat uit informatie van de ouders en van de leerkracht, daarnaast een gestandaardiseerde vragenlijst afgestemd op de leeftijd van het kind, en in sommige gevallen een neuropsychologisch onderzoek door een specialist. De uitkomst is niet zwart-wit. We zien kinderen met duidelijke kenmerken, kinderen met lichte kenmerken en kinderen met meerdere stoornissen.”
Behandeling
Behandeling is altijd multidisciplinair, vertelt Birnie. ”Behalve medicijnen krijgen kinderen gedragstherapie. Bij de behandeling is een team met kinderarts, kinderpsycholoog en eventueel kinderpsychiater betrokken. Voor veel kinderen heeft de behandeling positieve effecten. Medicatie bijvoorbeeld kan ervoor zorgen dat kinderen minder op prikkels reageren en beter presteren op school. Dankzij de combinatie met therapie kunnen sommige kinderen hun werkgeheugen en concentratie dusdanig trainen dat ze op een gegeven moment zonder pillen verder kunnen. Maar in principe is ADHD een chronische aandoening die nooit over gaat.”
Psychiater Robert Douma van OCRN, expertisecentrum voor GGZ Kinderen en Jeugd en Leerproblemen, kiest bij voorkeur voor een zo doeltreffend, praktisch en functioneel mogelijke behandeling bij ADHD, waarbij de ouders worden betrokken. “De kwetsbaarheid zit in de persoon zelf. Maar we proberen de behandeling zo in te richten dat het mogelijk wordt om mee te kunnen draaien in de maatschappij, zodat het kind maximaal kan profiteren van zijn - in principe aanwezige - mogelijkheden.” Ook Douma kiest voor de combinatietherapie. “De behandeling voor de ouders leert ze technieken om structuur aan te brengen in de leefomgeving van het kind en negatief gedrag om te buigen. Kinderen en medicatie is geen gelukkige combinatie, daarom houden we de medicatie zo licht mogelijk en geven we goede voorlichting. Medicatie is altijd tijdelijk. Het gedrag van het kind verbetert erdoor, de omgeving wordt positiever, het kind reageert daar weer op en komt uit de negatieve spiraal. Zodra het mogelijk is, wordt er gestopt met medicatie.”
Oorzaak
De oorzaken van ADHD zijn niet altijd duidelijk. Wel is het zo dat jongens een 2 tot 3 keer groter risico lopen op ADHD dan meisjes. Erfelijkheid speelt een belangrijke rol. Kinderen van ouders met ADHD hebben 50% meer kans om ook ADHD te krijgen. Broertjes en zusjes hebben een 3 tot 5 keer grotere kans op ADHD en bij neefjes en nichtjes komt het vaker voor. Onderzoek suggereert dat kinderen iets meer kans op ADHD hebben als hun moeder tijdens de zwangerschap rookte, veel dronk of een hoge bloeddruk had. Ook kinderen die te vroeg zijn geboren lijken iets meer risico te lopen. ADHD verdwijnt niet vanzelf met ouder worden. Dat gebeurt slechts in 1:3 gevallen. Soms worden de symptomen milder met ouder worden.
Sinds 1700
ADHD lijkt steeds vaker voor te komen, maar het is een aandoening die altijd al bestond, alleen heette het vroeger anders. In het jaar 1700 werden de symptomen van ADHD al beschreven. Dat het nu meer voor lijkt te komen heeft volgens Douma verschillende redenen. “Onze huidige maatschappij vraagt meer van kinderen, er zijn ook steeds meer prikkels.” zegt hij. ”De speelomgeving van kinderen wordt bovendien steeds kleiner. Ze blijven dichter bij huis; door verstedelijking wordt hun avontuurlijke buitenspeelruimte kleiner. Kinderen kunnen hun energie niet goed kwijt. Daarbij is er een maatschappelijke ontwikkeling aan de gang die gericht is op risicovermijding. Op het schoolplein kan steeds minder. Klauteren is te gevaarlijk, voetballen te druk. Op school wordt veel waarde gehecht aan een goede werkhouding, kinderen moeten voor langere tijd zelfstandig aan het werk kunnen in grote klassen en de aandacht daarop kunnen richten. Leerprestaties zijn in toenemende mate belangrijk geworden en de creativiteit die kinderen met ADHD kunnen hebben verdwijnt naar de achtergrond. Daarbij komt dat ADHD sneller wordt herkend, omdat er meer aandacht is van leerkrachten en ouders.”
ADHD en school
”Het is ontzettend fijn dat op basisscholen veel expertise aanwezig is over leerlingen met ADHD,” zegt Jan Hindrik Loonsta, orthopedagoog en verbonden aan OCRN. “Kinderen met ADHD zitten vaak in een negatieve spiraal: vervelend gedrag, negatieve reacties van hun omgeving, met als gevolg een negatief zelfbeeld en meer negatief gedrag. Behandeling waarbij ouders en leerkrachten de beschikking krijgen over gedragstherapeutische kennis en vaardigheden kan het kind helpen om te komen tot gedragsverandering en probleemvermindering. Door niet alleen te focussen op negatieve aspecten, maar ook weer het mooie in het kind te zien, worden fantastische resultaten behaald. Door kinderen meer te prikkelen met uitdagende taken, doorbreek je de spiraal. Je legt de nadruk op belonen. Voor een kind met ADHD is dat heel bijzonder. Zij krijgen een positief gevoel van deze benadering en gaan zich beter gedragen. Daarom is het belangrijk om naast de ouders ook de school te betrekken bij deze gedragstherapeutische behandeling.”
ADHD en ADD
Naast kinderen met ADHD is er ook een groep kinderen die lijdt aan ADD. “Dit is een andere groep,” zegt kinderpsychiater Robert Douma van OCRN. “Een deel van de symptomen is hetzelfde als ADHD, vooral het aandachtsprobleem. Maar de hyperactiviteit (drukte) ontbreekt. Deze stoornis wordt minder snel herkend; we merken dat deze groep op latere leeftijd in aanraking komt met de gezondheidszorg. Deze kinderen zijn in de klas vaak wat dromerig, afwezig, maar hebben ook problemen met concentratie, werktempo en het contact met leeftijdsgenoten.” Kinderarts Derk Birnie van het ADHD-behandelcentrum meent dat hyperactiviteit bij ADHD/ADD vaak overbelicht is en de concentratiestoornis en problemen met het werktempo te weinig aandacht krijgen.”
ADHD bij volwassenen
Niet alleen kinderen, maar ook volwassenen hebben last van ADHD. ADHD kan op jong volwassen leeftijd worden gediagnosticeerd, maar ook op latere leeftijd. In de volwassenheid treden klachten van hyperactiviteit minder op de voorgrond, de aandachtzwakte is duidelijker. Kenmerkend voor volwassenen met ADHD is chaotisch en rusteloos gedrag, vaak te laat komen, druk praten, eigenwijsheid, chronische autoriteitsconflicten, snel van baan wisselen en snel driftig worden. Vaak is hun prestatie- en opleidingsniveau lager dan je op grond van hun intelligentie zou verwachten. Ook volwassenen zijn te behandelen met medicatie en coaching.
Medicatie en ADHD
Afgelopen jaren steeg het gebruik van geneesmiddelen bij ADHD explosief. Ging er in 2002 ruim 200.000 keer een middel tegen ADHD over de balie van de apotheek, in 2007 is dit opgelopen tot 624.000 keer. In vijf jaar tijd is het gebruik hiermee verdrievoudigd. De uitgaven aan medicijnen bedroegen in 2007 € 27,5 miljoen, 57% meer dan in het jaar daarvoor. Ten opzichte van 2002 (€ 5,6 miljoen) zijn de uitgaven in vijf jaar tijd bijna vervijfvoudigd. Het merendeel van deze kosten (65%) komt voor rekening van de patiënt, maar dat hangt af van de eventueel afgesloten aanvullende ziektekostenverzekering. Uitgebreidere varianten van deze aanvullende ziektekostenpolissen voorzien in een volledige of gedeeltelijke dekking van eigen bijdragen voor medicamenten.
ADHD en andere problemen
ADHD gaat vaak gepaard met andere psychische stoornissen of gedragsstoornissen. De kans hierop is 10 keer zo groot. Ook depressie en angst komen vaker voor bij kinderen met ADHD. De kans op een angststoornis is ongeveer 3 keer zo groot, de kans op een depressie 5 tot 6 keer. ADHD gaat ook vaker samen met leerstoornissen als dyslexie.